Huidig groenonderhoud in Roosendaal moet volgens GroenLinks flink op de schop

ROOSENDAAL - Half oktober presenteerde het college Roosendaal Natuurstad aan de leden van de gemeenteraad. Een ambitieus programma om Roosendaal groener, klimaatbestendig, schoner en duurzamer te maken. Volgens Christian Villée van GroenLinks ontbreekt er een essentieel onderdeel: een plan van aanpak. Hij schrijft dat in de raadsvragen die zijn partij heeft gesteld over het groenonderhoud.

Door: Kitty Joachems

Villée schrijft namens zijn fractie dat de aanpak van het huidige groenonderhoud flink op de schop moet. “Pas dan kan Roosendaal Natuurstad een succes worden voor de natuur zelf”, stelt hij.

Brandnetels en bramen

Er worden volgens hem nog steeds onderhoudsmethodieken toegepast die de kwaliteit van het groen en de bodem niet gezond houden. Als voorbeeld noemt hij de plantenresten die verhakseld zijn. Deze blijven liggen met het idee dat ze composteren. Volgens Villée composteren deze resten slecht en daarom groeien op die plaatsen alleen nog grassen, brandnetels en bramen. En die vormen op dit moment juist een plaag in Roosendaal.

Scholing

Wat volgens hem wel goed werkt is om bladeren die van de bomen vallen te laten liggen. Deze composteren bijzonder goed en vormen daardoor een vruchtbare voedingsbodem voor planten en een beschutte plek in de herfst en winter voor insecten en wormen waardoor ook vogels en egels voldoende voedsel hebben. Het valt Villée op dat de groenvoorziening van WVS ervoor kiest om de bladeren weg te halen. Hij vraagt het college dan ook of de externe partijen waarmee samengewerkt wordt wel de juiste groentechnische trainingen hebben gehad.

Te vroeg maaien

Ook de eerste maaibeurt komt in Roosendaal te vroeg, vindt Villée. “In mei hebben de meeste planten nog geen zaad geproduceerd en daarmee komt een volgende generatie in gevaar. Bovendien worden insecten van de ene op de andere dag van hun voedselbronnen beroofd omdat grote trajecten in één keer worden gemaaid.”

Klimaatverandering

Villée adviseert het college om te kiezen voor een meer flexibele aanpak waarbij gereageerd wordt op de natuur. “Er moet actief worden omgegaan met veranderend natuurgedrag onder andere ten gevolge van klimaatverandering.” Hij pleit in het schrijven ook voor bloeiende bermen. “Goed voor vlinders, bijen en andere insecten en naar verluidt een prima natuurlijke bestrijding van Eikenprocessierupsen. Bovendien levert de kwaliteit en manier van groenonderhoud een belangrijke bijdrage om de effecten van klimaatverandering, zoals verdroging, tegen te gaan”, aldus Villée.