Zo kijkt de Halsterse molenaar naar de sloop van de historische bijgebouwen

HALSTEREN - Zes dagen per week is molenaar Corneel Droogers te vinden in de Sint Antoniusmolen in Halsteren. Ook hij maakt zich zorgen om de plannen op het molenerf. De schuur die hij als opslag gebruikt, gaat waarschijnlijk tegen de vlakte om ruimte te maken voor een huis voor dementerende ouderen.

Door: Vincent Krijtenburg (video) en Roland Pijnen (tekst)

De Sint Antoniusmolen is een onaantastbaar Rijksmonument. Dat is echter niet het geval met de bijgebouwen op het erf. De loods, stal en woning worden geen gemeentelijk monument, zo besloot het college van Bergen op Zoom.

Eigenaar Piet Withagen ziet liever af van het erf en de verpauperde bijgebouwen. Er zijn zelfs vergevorderde plannen om een woonvoorziening voor dementerende mensen te realiseren. “De komst van het Zorghuys maakt de verdere groei van het maalbedrijf erg moeilijk. Groei die zeker nog mogelijk is”, zegt de molenaar. Ook maakt hij zich zorgen om de overlast die de dementerende cliënten kunnen gaan ervaren. “Ze kunnen schrikken van de wieken, last hebben van de vervoersbewegingen van klanten en van de leveranciers die laden en lossen.”

Uniek en nostalgisch

Droogers is liefhebber van erfgoed. Een molenerf zonder bijgebouwen is geen totaalplaatje en dat doet hem pijn. “De bijgebouwen behoren tot de geschiedenis van het molenerf, de geschiedenis is eruit af te lezen,” aldus de molenaar. Nu er meer aanloop is dan ooit is een opslagplaats geen overbodige luxe. Het plat leggen van de loods zou de doorgroeimogelijkheden voor het ambachtelijk maalbedrijf beperken. Uiteindelijk hoopt hij dat er een oplossing gevonden kan worden waarmee alle partijen tevreden zijn. Als oplossing denkt hij aan een invulling van het molenterrein met twee ondernemers die elkaar versterken, zoals kleinschalige horeca of een bakker.

Voetsporen

Droogers heeft het vak niet van een vreemde. Zijn opa was al molenaar en zelf groeide hij op in de molen. Wat begon met een zakje meel, is inmiddels behoorlijk uit de hand gelopen. Hij bewandelde een andere richting maar bleef werken als molenaar in Oud-Vossemeer. Toen de Antoniusmolen in beeld kwam verlegde Droogers zijn molenaarsactiviteiten stukje bij stukje meer naar Halsteren. Begin dit jaar koos hij definitief en voluit voor de molen. Als één van de weinige molenaars in Nederland is het zijn beroep. Droogers kreeg het voor elkaar om van de wind te leven. “Ik kan er een boterham mee verdienen,” vertelt hij trots.

Lees ook: College wilde eerder molenerf behouden, VVD stelt vragen