Een dag lang zonder stroom: Roosendaal en Wouw oefenen met noodsteunpunt
Dorpshuis de Geerhoek in Wouw en buurthuis Keijenburg in Roosendaal waren dinsdag ingericht als noodsteunpunt. Verschillende partijen oefenden daar op een crisissituatie. Het is onderdeel van een landelijke pilot, waarbij er in verschillende gemeenten wordt geoefend. Het doel: ontdekken wat wel en niet werkt, om vervolgens kaders en plannen te maken.
De pilot wordt gecoördineerd door de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Vanuit de overheid hebben alle Veiligheidsregio’s de opdracht gekregen om in 2026 te oefenen met noodsteunpunten. “Het scenario daarbij is langdurige stroomuitval”, licht Joyce Kolkman namens de Veiligheidsregio toe. 
In de Geerhoek zijn verschillende organisaties met elk hun eigen taak (foto: ZuidWest Update). In de gemeente Roosendaal zijn daarom dinsdag twee noodsteunpunten ingericht. Eén daarvan is de Geerhoek in Wouw, waar medewerkers van de gemeente betrokken zijn geweest bij de voorbereiding. Daarnaast zitten in buurthuis Keijenburg in Roosendaal medewerkers die nog niet weten wat ze precies te wachten staat. “Dus we gaan kijken hoe de mate van bekendheid en geoefendheid gaat schelen in hoe de taken worden opgepakt”, legt Kolkman uit.
Maar dat is niet het enige wat er geoefend wordt. “We willen inwoners informatie kunnen geven en ze moeten noodmeldingen kunnen maken. Maar we hopen ook dat inwoners elkaar gaan helpen”, zegt Kolkman. Daarom hoopt ze ook inwonersinitiatieven bij elkaar te krijgen, zoals verenigingen en buurtpreventie. “Zij willen allemaal hun steentje bijdragen.”

Wouter Swaerdens is tijdens de oefening coördinator van de locatie in de Geerhoek. “Ik houd in de gaten of al die informatiestromen goed verlopen en of de bezetting goed is. Maar ook let ik op hele praktische dingen, zoals: moet er een poppetje extra bij en zijn de pennen en formulieren nog aanwezig?”, legt hij uit.
Belangrijk
De oefening is van belang om goed voorbereid te zijn als er echt een crisissituatie ontstaat. “Het is niet de vraag of het gaat gebeuren, maar wanneer”, zegt waarnemend burgemeester Erik van Merrienboer. Maar het is niet alleen goed voor de Veiligheidsregio, hulpdiensten en de gemeente. “We hopen dat inwoners zich ook meer bewust worden van deze noodsituaties die zich voor kunnen gaan doen”, vertelt Kolkman.
We hopen dat inwoners zich meer bewust worden van deze noodsituaties.
Volgens waarnemend burgemeester Van Merrienboer is een scenario dat nu wordt nagebootst helemaal niet denkbeeldig. “Het allerbelangrijkste is dat je oefent en kijkt wat is er nodig om elkaar in zo’n situatie te helpen”, zegt hij. Inwoners kunnen volgens hem een rol spelen in het letten op elkaar en het draaiend houden van de samenleving. “We moeten ons voorbereiden op situaties waarin er geen hulpverlening beschikbaar is”, geeft Van Merrienboer aan.

Kolkman hoopt dat ook dat er vaker van dit soort oefeningen gedaan gaan worden. “Hoe vaker je het doet, hoe meer je er van kan leren. We hopen dat dit een jaarlijks terugkerende oefening zal zijn. Niet alleen in Wouw en Roosendaal, maar ook in andere kernen en gemeenten in onze regio”, voegt ze toe.
Lessen leren
De oefeningen zijn bedoeld om uiteindelijk landelijke kaders op te stellen, want die zijn er nog niet. Daarom hoopt de Veiligheidsregio veel te leren. “Zodat alles wat ons zou kunnen overkomen, we dat samen kunnen oplossen”, zegt Kolkman. Daarbij nemen ze nu al dingen mee uit echte situaties, zoals de stroomstoring in Berlijn. Daaruit bleek al dat er zaken opgenomen waren in de oefening die daar goed werkten, zoals informatievoorziening.

Ondanks dat de evaluatie nog moet volgen, zijn er dinsdag gelijk al dingen geleerd. “Je kan van alles bedenken aan de tekentafel. Maar als je hier zit, zie pas waar je tegenaan loopt”, geeft Swaerdens aan. Zo kan de indeling op de informatieformulieren beter. Maar ook de vragen die gesteld worden bij casussen is nog een verbeterpuntje. “Gaandeweg de dag hebben we ook al wat aanpassingen gedaan.”
We gaan tegen dingen aanlopen waar we nog niet op voorbereid zijn.
Van Merrienboer vindt het wel een spannende dag. “In de meeste gevallen heb je vrij concrete draaiboeken. Hier gaan we tegen dingen aanlopen en vragen krijgen waar we nog niet op voorbereid zijn”, zegt hij. Voor hem is het deel wat betreft medische apparatuur een leerpunt. Sommige inwoners zijn daarvan afhankelijk en dus hebben zij stroom nodig. “Als we aan het einde van de dag iets hebben losgemaakt om deze problemen met elkaar aan te pakken, dan ben ik een heel blije burgemeester”, sluit Van Merrienboer af.