Nieuwsanalyse – Roosendaal doet ’t samen, maar heeft nog een weg te gaan

Nieuwsanalyse – Roosendaal doet ’t samen, maar heeft nog een weg te gaan

Het Huis van Roosendaal (foto: ZuidWest Update).

Eendracht, veerkracht, daadkracht. Met die boodschap presenteert het nieuwe Roosendaalse college de eerste begroting. Voor 2027 is er financiële ruimte om te investeren in leefbaarheid, veiligheid, wonen en bereikbaarheid. Tegelijkertijd houdt het college de hand op de knip. Niet alles kan tegelijk en voor 2030 wordt een tekort van bijna vijf miljoen euro voorzien.

Dat maakt de begroting minder royaal dan het positieve resultaat op het eerste gezicht doet vermoeden. Er is ruimte, maar ruimte wil het college zorgvuldig inzetten. Sommige plannen worden daarom uitgesteld of gefaseerd uitgevoerd. Het college kijkt daarbij niet alleen naar de komende jaren, maar nadrukkelijk óók naar de langere termijn, tot 2040.

Lees ook: Collegeprogramma en begroting Roosendaal geeft meer gestalte aan coalitieakkoord ‘We doen het samen!’

Roosendaal verwacht het komende jaar ongeveer 431 miljoen euro uit te geven en 435 miljoen aan inkomsten te ontvangen. Een groot deel van die inkomsten komt van het Rijk. Het verwachte resultaat is positief. Die ruimte wil het college benutten voor investeringen in onder meer wijken, woningen, bereikbaarheid en voorzieningen. Ook de dorpen krijgen nadrukkelijk aandacht.

Maar niet alle plannen kunnen direct worden uitgevoerd. Bij bijvoorbeeld cultureel erfgoed wordt het tempo verlaagd. Het college noemt dat temporiseren: uitstellen waar dat kan, zonder de zorgplicht voor het erfgoed uit het oog te verliezen. Bij projecten waarmee Rijksgeld is gemoeid, is die ruimte beperkter. Zo moet het geld voor het Nationaal Programma Roosendaal ook daadwerkelijk worden besteed.

Tegelijkertijd krijgen inwoners en bezoekers te maken met hogere lasten. Parkeertarieven stijgen met dertig cent en ook de onroerendzaakbelasting (OZB) gaat omhoog. Voor een gemiddeld gezin betekent dat volgens het college een krappe zeventig euro extra per jaar. Daar staat dan weer een verlaging van de rioolkosten tegenover. Roosendaal heeft weliswaar ruimte om te investeren, maar niet zonder keuzes te maken en niet zonder dat inwoners daarvan iets merken.

De belangrijkste waarschuwing zit in de toekomst. Voor 2030 wordt een tekort van bijna vijf miljoen verwacht. Het college wil dat tekort de komende jaren bijsturen, maar de boodschap is duidelijk: de financiële ruimte van vandaag is geen garantie voor morgen. Daarmee ligt de grootste uitdaging niet in het formuleren van ambities. Die zijn er volop. De vraag is vooral welke ambities Roosendaal wanneer kan betalen.

Het motto ‘We doen het samen’ gaat niet alleen over samenwerking, maar óók over het gezamenlijk maken van die keuzes. Daarbij vraagt het nieuwe college nadrukkelijk de steun van de raad, én van de inwoners zelf. Roosendaal kan de komende jaren vooruit, maar moet daarbij verder kijken dan de begroting van 2027. De ruimte is er, maar de rek is niet onbeperkt. Nu is de gemeenteraad  aan zet om te bepalen welke financiële keuzes daadwerkelijk nodig zijn.