Bergen op Zoom

Topsport en topcultuur in de klas: staatssecretaris ziet bij ’t Rijks dat het wérkt

Staatssecretaris Koen Becking bezoekt het topsportonderwijs bij 't Rijks.

Han Verbeem Han Verbeem

Hoog bezoek, woensdagmiddag, bij scholengemeenschap ’t Rijks. Demissionair staatssecretaris Koen Becking wilde zich persoonlijk op de hoogte laten stellen van de topsport- en topcultuurklassen, en kreeg een uitvoerige rondleiding langs de vernieuwde schoollokalen. Toeval of niet: het bezoek valt juist in de week dat de school informatie-avonden houdt voor toekomstige leerlingen. En wie weet zit er wel de nieuwe Rico Verhoeven bij. “Ik hoop het”, zegt docent Marco Fokke. “Ik hoop zelfs dat het er twéé zijn.”

Koen Becking weet uit ervaring hoe belangrijk het is om topsport en onderwijs op elkaar af te stemmen. Zijn eigen zoon speelt rugby op hoog niveau. Voor de staatssecretaris Funderend Onderwijs en Emancipatie. is het daarom een werkbezoek dat hij met veel plezier aflegt, zegt hij na afloop van de anderhalf uur durende rondleiding. “Juist om te kijken hoe topsport en topcultuur hier op school zijn georganiseerd”, merkt de staatssecretaris op. “Ik zie hoe ontzettend goed dit is opgezet en met hoeveel liefde alle begeleiders hieraan werken.”

Indrukwekkend

De eerste indrukken zijn volgens Becking zeer positief. “De liefde voor mensen die iets extra’s willen doen en de mogelijkheden die de school biedt op het gebied van sport, cultuur en techniek vind ik indrukwekkend om te zien,” zegt hij. Hij spreekt met leerlingen, waaronder het waterpolo-toptalent Dominique. Het zijn strakke werkschema’s, met zwemtrainingen op afstand – zoals in Dordrecht. Dominique is regelmatig in de fitnessruimte te vinden, waar hij met krachttraining zijn spieren en conditie op orde houdt. “En daarnaast train ik geregeld bij Basic.” De leerling geeft de staatsecretaris een demonstratie gewichtheffen, Becking is zichtbaar onder de indruk.

Extra ondersteuning

De demissionaire taak van Koen Becking zit er bijna op, het nieuwe kabinet is inmiddels in de maak. Toch vindt hij het belangrijk om op de valreep van zijn bewindsperiode de indrukken van zijn bezoek aan ’t Rijks “mee terug te nemen” naar zijn departement in Den Haag. “Naast de waardering voor alles wat hier gebeurt, neem ik ook mee dat we moeten kijken of we extra ondersteuning kunnen bieden”, verklaart hij. Daarbij noemt hij onder meer extra tijd, aanvullende regelingen en een mogelijke vergoeding van reiskosten voor topsportleerlingen.

Van jongsaf begeleiden

Volgens de staatssecretaris is investeren in toptalent van groot belang voor toekomstige generaties. “Toptalent moet je vanaf jonge leeftijd goed begeleiden”, benadrukt hij. “Alles wat je daarbij extra kunt organiseren is mooi meegenomen. Veel van dit werk gebeurt nu dankzij vrijwilligers en vanuit enorme betrokkenheid. Elke extra steun of stimulans is daarom van grote waarde.”

Ook Marco Fokke, topsportcoördinator en gymleraar bij ’t Rijks, kijkt met tevredenheid terug op het bezoek van de landelijke bewindsman: “Ik denk dat hij héél goed heeft gezien wat wij kunnen betekenen als topsporttalentschool in de regio, voor elk kind met ambitie op het gebied van topsport. Dit bezoek geeft in Den Haag hopelijk meer duidelijkheid over wat topsporttalentscholen precies doen.”

Dubbel presteren

Leerlingen die zich op topsport richten, moeten een dubbele prestatie leveren: een opleiding volgen én hun sportieve prestaties op niveau houden. Wat gaat dan voor: de sport of het onderwijs? Een lastige vraag, moet de docent toegeven. “Als leraar moet ik natuurlijk zeggen dat het onderwijs vooropstaat, maar bij ons zijn school en sport in balans. School is het belangrijkst, maar sport telt net zo zwaar. Wij zijn in onze regio een van de weinige topsporttalentscholen. Dat betekent dat leerlingen die aan topsport doen, bij ons terechtkunnen.” Het maakt niet uit welke sport het is, zegt de docent: “Voetbal bij een BVO, tafeltennis, bowlen, atletiek of tennis. Het is heel veelzijdig.”

Vijf procent

Het is moeilijk te voorspellen wie het haalt, “maar als we later van vijf procent van onze leerlingen weet te scoren op topsportniveau, zijn wij al héél blij”,  merkt Fokke op. “Onze bekendste oud-leerling is Rico Verhoeven. Daarnaast hebben we Idrissi, Bart Nieuwkoop, Christy Snepvangers, Bas Leijten, Suzy Plaisier en Lotte Haast. Ik hoop dat er in de toekomst een doorlopende topsportroute komt, van basisschool tot hbo of universiteit, maar dat hangt van veel factoren af.”

Maatwerk

Zijn collega Melroy Braat, eveneens topsportcoördinator en gymleraar, vult aan: “Wat wij doen, en wat er leeft op een topsporttalentschool, vraagt om veel begeleiding en maatwerk.” Leerlingen hebben veel tijd nodig voor hun sport en moeten tegelijkertijd goed kunnen presteren op school.“ Wij maken dat mogelijk door faciliteiten te bieden, zoals aangepaste roosters en extra begeleiding”, zegt Braat. “Daar zijn we op dit moment volop mee bezig.”