Halderberge

Waarom Berend (8) niet naar school gaat maar thuiszit

Deze AI afbeelding (gemaakt met Google Gemini - Nano Banana 2) is puur ter illustratie.

Hans-Jorg van Broekhoven Hans-Jorg van Broekhoven

Wat weegt zwaarder: de strikte letter van de wet of het welzijn van een kind dat buiten alle systemen valt? In Halderberge speelt zich een pijnlijk conflict af tussen moeder Karlijn Hubers en de gemeente. Centraal staat de achtjarige Berend, een jongen met een rugzak vol diagnoses, die momenteel de dupe is van een patstelling over leerlingenvervoer.

Berend is niet in één hokje te plaatsen. Hij is gediagnosticeerd met autisme en ADHD, maar is daarnaast hoogbegaafd en hooggevoelig. Juist die combinatie maakt hem uiterst kwetsbaar. Nadat hij op een reguliere basisschool werd mishandeld en gepest, was de conclusie van deskundigen eenduidig: Berend heeft een prikkelarme, gespecialiseerde omgeving nodig. Die plek vond moeder Karlijn ook: De Muldersteeg in Oosterhout, een kleinschalige school waar minder prikkels zijn en de klassen niet te druk.

Een onoverbrugbare kloof

Het conflict met de gemeente spitst zich toe op de weg naar die school. De gemeente Halderberge weigert het vervoer naar Oosterhout te faciliteren. Volgens het college is school De Fakkel in de eigen regio de dichtstbijzijnde toegankelijke school. Voor Karlijn is dit onacceptabel; zij benadrukt dat De Fakkel zich primair op autisme richt, terwijl Berend een omgeving nodig heeft die recht doet aan álle vier zijn kenmerken. Bij De Fakkel is het ook vanwege het hoge leerlingenaantal veel te druk voor Berend.

De gemeente blijft echter bij haar standpunt. Beide scholen vallen onder dezelfde koepel en zouden eenzelfde begeleiding moeten kunnen geven. Wettelijk gezien voldoet de lokale school dus. Als handreiking biedt de gemeente een kilometervergoeding van € 7,73 per dag aan, een bedrag dat is gebaseerd op de afstand naar De fakkel en niet naar de bestemming in Oosterhout.

De financiële realiteit voor het gezin is schrijnend. Een taxi naar de passende school in Oosterhout kost circa € 3.680 per maand. Karlijn stelt dat zij van de aangeboden zeven euro nog niet eens naar het eind van de straat kan rijden, laat staan dat het de brandstof en haar eigen verloren werkuren dekt.

Dreigend faillissement en de voedselbank

Om de impasse te doorbreken, deed Karlijn een voorstel voor gedeeld vervoer. Zij verzocht de gemeente om een taxi voor de ochtendrit, zodat zij haar werk als zelfstandig yogadocent kan voortzetten. De middagrit zou zij dan zelf voor haar rekening nemen. De gemeente heeft dit echter afgewezen.

Het dwingt Karlijn in een onmogelijke spagaat: als zij Berend zelf brengt, verliest zij haar ochtendlessen en daarmee ook haar avondcontracten bij de sportschool. Dit zou direct leiden tot het faillissement van haar onderneming. De reactie van een gemeentelijke jeugdprofessional op dit scenario zorgde voor diepe verontwaardiging; er werd gesuggereerd dat Karlijn zich in dat geval maar tot de voedselbank moest wenden.

Wat de relatie met de gemeente definitief heeft verzuurd, is de persoonlijke bejegening. Karlijn voelt zich geïntimideerd door de aanmaak van een veiligheidskaart omdat Berend door dit getouwtrek noodgedwongen thuiszit. Pogingen om met de verantwoordelijke wethouder in gesprek te gaan, liepen op niets uit. De wethouder liet weten te vertrouwen op zijn professionals en weigerde de dialoog met de moeder aan te gaan. Ook bij navraag door onze redactie blijft de gemeente bij die beredenering.

Gemeente: ‘Wij volgen de wet- en regelgeving’

In een schriftelijke reactie laat de gemeente Halderberge weten dat zij vanwege privacywetgeving niet volledig in detail kan treden, maar benadrukt zij dat er door verschillende disciplines serieus naar de casus is gekeken. Volgens de gemeente kunnen beide scholen kinderen met deze meervoudige beperkingen voorzien van onderwijs. Omdat de wet voorschrijft dat er gekozen moet worden voor de dichtstbijzijnde school, hoeft de gemeente geen vervoer naar Oosterhout aan te bieden. Het aanbod van € 7,73 wordt door de gemeente gepresenteerd als een extra tegemoetkoming voor de ouders, die zelf voor een andere school kiezen.

De gemeente verdedigt de suggestie voor de voedselbank als een manier om in de volle breedte mee te denken over de financiële mogelijkheden van het gezin. Op het verliezen van haar baan als Karlijn zelf dagelijks gaat rijden wordt niet ingegaan. Over het afwijzen van een gesprek met de wethouder is de gemeente helder: een dergelijk gesprek zou geen ander resultaat geven dan de huidige ambtelijke besluitvorming. Men stelt dat er reeds maximaal is meegedacht binnen en zelfs buiten de kaders.

Een woordvoerder laat namens het college weten dat er zo veel mogelijk maatwerk wordt geleverd. Daar denkt Karlijn duidelijk anders over. Volgens haar is het enige ‘maatwerk’ dat, sinds ongeveer een half jaar, SDW een uur per week aan huis komt. Deze organisatie helpt kinderen, jongeren en volwassenen om zo zelfstandig mogelijk te leven en actief deel te nemen aan de maatschappij, met zorg op maat. Berends moeder noemt het van waarde omdat ze hoopt dat hiermee een beter beeld van haar zoon ontstaat, maar ook dat kost tijd. Ze geeft toe dat dit weliswaar met budget van de gemeente wordt betaald maar vermeldt ook dat het idee wel door de externe gezinsmanager moest worden aangedragen.

De menselijke maat?

Terwijl de gemeente spreekt over landelijke kaders en het voorkomen van precedentwerking, blijft de achtjarige thuiszitten. Voor Karlijn voelt het alsof de bureaucratische regels zwaarder wegen dan haar zorgplicht als moeder en de ontwikkelingskansen van haar kind. De kloof tussen de papieren werkelijkheid van het gemeentehuis en de dagelijkse overlevingsstrijd van het gezin lijkt vooralsnog onoverbrugbaar.

En Berend? Die wordt door zijn moeder zoveel als mogelijk buiten deze discussies gehouden. Hij is namelijk zo intelligent dat hij er veel meer van meekrijgt dan goed is voor een achtjarige hooggevoelige jongen. Precies daarom is het maken van afspraken soms erg lastig voor Karlijn, óók bij de gemeente. Hem overal mee naartoe nemen is geen goed idee. Ze hoopt mede daarom steeds op wat begrip en flexibiliteit in de agenda’s van ambtenaren, zeker als de externe gezinsmanager eveneens aan moet schuiven. Dat valt helaas tegen, vertelt ze. Terwijl de gemeente juist beweert dat “de ouders” niet altijd gehoor geven aan uitnodigingen om in gesprek te gaan.