Analyse – Zestien jaar slapen is óók een politieke keuze

Analyse – Zestien jaar slapen is óók een politieke keuze

Han Verbeem Han Verbeem

De inderhaast ingelaste extra raadsvergadering, tíjdens de Krabbenfoor óver de Krabbenfoor, levert op wat vooraf al te verwachten was: moties, emoties over geluidsregels  en uiteindelijk geen enkele verandering voor de lopende editie van het evenement. De raad wil unaniem het beleid aanpassen, maar wel ná de zomer. Eerst vakantie, de koffers zijn gepakt en september is vroeg genoeg voor het Bergse gemeentebestuur. Voor de ondernemers en bezoekers van de Krabbenfoor verandert er dit jaar niets.

Dat is op zichzelf niet opmerkelijk. Bestuur werkt nu eenmaal niet met terugwerkende kracht, zeker niet als een bezwarencommissie heeft vastgesteld dat de gemeente jarenlang soepeler heeft gehandeld dan het eigen beleid toestaat. De burgemeester maakt tijdens het raadsdebat de fracties duidelijk dat het compromis, live muziek tot 21.00 uur in de aanloopstraten, al op het randje ligt van wat is toegestaan. Een verdere verruiming zou vermoedelijk een rechtsgang naar de rechter uitlokken.

De PVV profileert zich als nieuwkomer in de Bergse politiek als activistische raadspartij en pakt de regie. De partij grijpt de onvrede onder ondernemers en de petitie van duizenden Bergenaren aan om het college maximaal onder druk te zetten. Dat is voor de hand liggende oppositiepolitiek. Een nieuwe partij hoeft zich immers niet te verantwoorden voor raadsbesluiten uit het verleden en kan zich volledig richten op de onvrede van vandaag.

Voor de overige partijen ligt dat toch anders. Want hoe heeft het zover kunnen komen? De geluidsregels waarop nu wordt gehandhaafd stammen uit 2010. Jarenlang is daarvan afgeweken met maatwerk en gedoogconstructies, totdat eind vorig jaar een bezwaarmaker de gemeente heeft gedwongen de eigen regels weer serieus te nemen. Dat probleem is dus niet vorige week ontstaan, maar heeft zich zestien jaar lang kunnen ontwikkelen. De raad deed niets, ook niet tijdens de vele raadsdebatten die sindsdien volgden over de veranderende binnenstad. Bergen op Zoom moest immers weer een belééfstad worden met een dynamische binnenstad als ‘the place to be’.

De BSD slaat tijdens de spoedzitting de spreekwoordelijke spijker op de kop. Raadslid Louis van der Kallen herinnert de rest van de raad er fijntjes aan waaróm het beleid destijds is vastgesteld. Die beleidskeuze was bewust: namelijk de horeca en evenementen concentreren op de Grote Markt en het Beursplein, en niet in de aanloopstraten. Dat had alles te maken met veiligheid, handhaving en de bescherming van het woon- en leefklimaat. Raadsleden kunnen vandaag de dag misschien vinden dat die keuze inmiddels achterhaald is; maar doen alsof het een toevallige ‘weeffout’ was, is feitelijk onjuist.

Daarmee raakt de BSD de kern van het debat. Niet de vergunning is het probleem, maar het beleid en éigenlijk de raadsfracties en de afgelopen colleges zelf. Als de politiek dat beleid wil wijzigen, dan moet zij daar eerlijk voor uitkomen en niet suggereren dat één bezwaar of één burgemeester verantwoordelijk is voor de ontstane situatie.

Wat tijdens de spoedvergadering vooral ontbreekt, is juist die bestuurlijke zelfreflectie. Wijzen naar anderen, terwijl dezelfde raad jarenlang geen aanleiding zag om een inmiddels achterhaald evenementenbeleid daadwerkelijk te actualiseren.

Een extra vergadering oogt misschien daadkrachtig, maar kan onmogelijk repareren wat zestien jaar is blijven liggen.

De politieke les zit ‘m niet in de vraag of of er volgend jaar wél langer muziek mag klinken in de Potterstraat en andere straten. Die discussie komt vanzelf nog wel terug.

Zestien jaar slapen is geen ‘weeffout’, het is een politieke keuze. De échte les die Bergse politiek daaruit kan trekken, is dat een gemeenteraad zichzelf geen regisseur van de actualiteit moet wanen als die jarenlang het script ongelezen in de la heeft laten liggen. Alleen de PVV heeft als nieuwkomer recht van spreken. Pas wanneer de Bergse raad bereid is eerst in de spiegel te kijken, heeft het zin om de muziek weer harder te zetten.