College pakt Westpolderplas voorlopig niet aan, Leefbaar ergert zich aan ‘poep bij de plas’
Poepresten en toiletpapier, bij de recreatieweide langs de Westpolderplas. (Foto: Leefbaar Etten-Leur)
Het college van Etten-Leur zal de bodem van het zwemdeel in de Westpolderplas voorlopig niet opschonen, ondanks dat nog geen definitief besluit is genomen over de toekomst van de plas. Dat blijkt uit antwoorden van het college op schriftelijke vragen van Leefbaar Etten-Leur. Volgens raadslid Clasien de Regt is de zwemplas door riooloverstorten echter verre van schoon: “Op en rond het water ligt overal poep”, verzucht ze. “De gemeente moet gewoon zorgen dat het schóón is.”
Jarenlang onderhoud aan de Westpolderplas heeft geleid tot nieuwe veiligheids- en milieuproblemen, constateert het college. Het zwemgedeelte van de plas wordt normaal gesproken jaarlijks vóór het zwemseizoen leeggepompt. Daarna wordt de bovenste laag zand, inclusief vuil en slib, verwijderd. Door deze werkzaamheden is het oorspronkelijke profiel van de zwemplas echter aangetast, constateert het college. Met name bij de zanddam zijn de oevers te steil geworden, waardoor risico’s ontstaan voor de stabiliteit van de dam tijdens onderhoudswerkzaamheden. Ook loopt het strand inmiddels snel af in diep water, wat gevolgen heeft voor de zwemveiligheid.
Voedselrijke bodem
Daarnaast blijkt uit onderzoek dat voedingsstoffen uit de voedselrijke bodem van de Westpolderplas bijdragen aan de groei van blauwalgen. Door het jarenlang afschrapen van de bodem is de beschermende zandlaag tussen het zwemwater en die ondergrond op sommige plekken te dun geworden of zelfs verdwenen. Verder afschrapen zou het probleem volgens de gemeente juist kunnen verergeren.
Overleg met waterschap
Op 28 mei vindt een bestuurlijk overleg plaats tussen Waterschap Brabantse Delta en wethouder Schouw. Tijdens dat gesprek wil de gemeente duidelijkheid krijgen over mogelijke bijdragen van het waterschap aan een structurele oplossing voor de blauwalgenproblematiek, zo laat de wethouder weten. Pas daarna wordt een volledig voorstel uitgewerkt voor de gemeenteraad. Dat plan moet verschillende scenario’s bevatten, inclusief financiële consequenties, uitvoerbaarheid, risico’s en gevolgen voor recreatie en beheer. Raadslid De Regt is tevens algemeen bestuurslid bij het waterschap, namens de fractie West-Brabant Waterbreed.
Geen tijdelijke oplossing
Voor het komende zwemseizoen ziet de gemeente weinig mogelijkheden om de waterkwaliteit tijdelijk te verbeteren, zo reageert het college op de brief van De Regt: “Het waterschap blijft tijdens het seizoen controles uitvoeren op de kwaliteit van het zwemwater en kan bezoekers waarschuwen wanneer dat nodig is.” Wel wordt het strand dit voorjaar schoongemaakt, waarbij niet alleen zwerfafval maar ook vogeluitwerpselen worden verwijderd. Andere effectieve tijdelijke maatregelen zijn volgens het college niet beschikbaar.
Onderhoud Leurse Haven
Ook over de toestand van de Leurse Haven en de Leurse Vaart stelde de raad vragen. Volgens het college ligt het vaarwegbeheer formeel nog bij de provincie Noord-Brabant. Samen met de provincie is inmiddels een nulmeting uitgevoerd naar de onderhoudsstaat van de haven. Uit de eerste resultaten zou volgens het college blijken, dat het vaarwegprofiel grotendeels op orde is en dat de route nog bevaarbaar is. Wel vragen de beschoeiing en overhangende begroeiing om onderhoud.
Snoeiwerkzaamheden
Omdat nog geen definitief aanwijzingsbesluit is genomen over het toekomstige vaarwegbeheer, hield de gemeente zich tot nu toe beperkt tot snoeiwerkzaamheden – merkt het college op in de beantwoording van de raadsvragen. Omdat uit de nulmeting zou blijken dat de situatie minder ernstig is dan gevreesd, heeft het college besloten het snoeien van overhangend groen direct op te pakken.
Herstelplan na besluit provincie
Een concreet herstelplan voor de Leurse Haven laat nog op zich wachten. De gemeente verwacht dat Etten-Leur uiteindelijk officieel wordt aangewezen als vaarwegbeheerder. Zodra de provincie daarover een besluit neemt, start de gemeente met het opstellen van een herstelplan.