Grootschalige hoogwateroefening maakt waterschap klaar voor noodsituaties: ‘Willen voorbereid zijn’
Waterschap Brabantse Delta oefent van 29 september tot 1 oktober een hoogwatersituatie in West-Brabant. Daarbij is het gehele waterschap betrokken, maar ook verschillende externe partners. Dinsdag begon de oefening met de buitendienst die de dijken afliepen.
In teams van drie gaan de dijkinspecteurs van Waalwijk tot aan Bergen op Zoom alle dijken af. “Dan kijken ze of ze schadebeelden kunnen zien”, legt oefenleider Alexander van Gaans uit. Dat kan echte schade zijn, zoals een hond die gegraven heeft. “Of gesimuleerde schade. Dan hebben wij plaatjes weggezet waar ze melding van moeten maken.”
Dat kan bijvoorbeeld een dijkbrand zijn. Als de teams deze paaltjes tegenkomen, moeten ze in de app een melding maken. In die meldingen moet staan wat ze zien en de dijkinspecteurs moeten er foto’s bij aanleveren. “De meldingen gaan wij dan beoordelen. Hoe ernstig het is en of wij er iets aan moeten doen”, vervolgt Van Gaans.
Grootschalig
Het waterschap oefent deze situaties elk jaar, maar nu is het voor het eerst op deze grote schaal. “We willen als waterschap goed voorbereid zijn op hoogwatersituaties. Maar we trainen ook ons personeel hiermee en testen alle infrastructuur erachter, waaronder de apps en dashboards.”
Naast de buitendienst wordt ook het kantoorpersoneel bij de oefening betrokken. Ook zij leren wat zij op het moment van hoog water kunnen doen. Op die manier kan al het personeel, als het echt nodig is, bijspringen. “Van de afdeling financiën tot de afdeling geo-informatie.” Maar ook externe partners zijn betrokken, zoals aannemers.
Met de dijkinspecteurs wordt het meeste heftige scenario nagebootst. “Dat betekent dat we een noordwesten storm hebben en een hoge rivierafvoer op de Maas en de Rijn.” Normaal gesproken is de oefening wat minder extreem. Dan wordt er geoefend met een scenario van hoog water in de rivieren.
Belangrijke verdediging
Volgens Van Gaans is het belangrijk om dit soort situaties te oefenen. “Onze keringen zijn onze belangrijkste verdediging tegen hoog water. Die moeten in optimale conditie zijn. Als dat niet zo is, kan het misgaan en dat willen we graag voorkomen.”
Tijdens de oefening worden ook meteen alle dijken geïnspecteerd. “Dan hebben we meteen een beeld van hoe de dijken erbij liggen.” Maar het belangrijkste is om iedereen te trainen. “Of iedereen nog weet wat ze moeten doen en of onze systemen en materialen nog goed zijn.”
Ook volgend jaar gaat het waterschap weer oefenen. Maar of het dan weer zo grootschalig zal zijn, durft Van Gaans niet te zeggen. “Of misschien nog grootschaliger, maar dat moeten we nog bekijken”, sluit hij af.