Jolanda laat samen met anderen West-Brabantse klederdracht zien: ‘Belangrijk dat jongeren erover weten’
Een groepsfoto van de vrijwilligers in West-Brabantse klederdracht (foto: Alois van Mingeroet).
Een groep enthousiaste vrijwilligers loopt zondag tijdens de open dag van de Jorissenhoeve in Schijf in ouderwetse West-Brabantse klederdracht. Het is dit jaar de tiende keer dat zij dat op het landgoed in Schijf doen. Met hun bijdrage hopen ze mensen meer te leren over wat West-Brabanders vroeger droegen.
Sinds 2000 zijn Jolanda van Gulik en haar man bezig met de West-Brabantse klederdracht. Toen haar moeder in dat jaar 82 werd, droegen ze speciaal de ouderwetse kleding. “Voor haar was dat heel bijzonder en dat was eigenlijk het begin. We dachten: we doen het één keer en klaar, maar niet dus”, lacht Jolanda. Onder de naam ‘Ensemble: Uit Grootmoeders Tijd’ laat ze samen met een groep van tien à vijftien vrijwilligers de oude kleding zien.
Eerst lieten ze dracht vooral zien op evenementen op Goeree-Overflakkee, maar sinds tien jaar dus ook in West-Brabant. “We hebben toen toestemming gevraagd bij de Jorissenhoeve en de eigenaresse vond het heel leuk.” Inmiddels hebben de kinderen van de vorige eigenaresse het overgenomen, maar de groep vrijwilligers zijn nog altijd welkom.
Authentieke kleding
Toen Jolanda de groep begon is ze op zoek gegaan naar leden die mee wilden lopen. “We zoeken spullen op en proberen zo authentiek mogelijk te lopen”, legt Van Gulik uit. Bijna alle kleding komt ook daadwerkelijk uit bijvoorbeeld 1880 of 1900. “Maar sommige dingen kunnen we niet dragen. Vroeger waren mensen veel kleiner, dus dan maken we het na met oude patronen.”

Voor de vrouwen bestaat de klederdracht uit een lange rok tot net boven de schoenen. Daarnaast droegen ze een jak, een soort blouse. Daarbij kwamen verschillende mutsen voor. De kleding is namelijk ongeveer hetzelfde als in de rest van Nederland, omdat het bij die tijd hoorde. “In Brabant was het qua sieraden wat armoediger, maar er waren wel heel veel verschillende mutsen. Het zijn er zoveel dat ik ze zelf nog niet eens allemaal ken.”
In Brabant waren er heel veel verschillende mutsen.
De zogeheten Kroezel muts was daarin typisch voor West-Brabant. Dat was een brede zijden band waarbij een band zat die met bloemen gedecoreerd was. Deze werd over een ondermuts gedragen.
Voor de heren bestond de kleding uit klepbroeken en een blauwe blouse. Daarbij droegen ze klompen en een pet. Op zondag droegen ze een wollen broek en jas. Daarbij hadden ze hoed op hun hoofd en een hoge hoed als zij van goede afkomst waren, legt Jolanda uit.

Meer aandacht
De groep kiest zorgvuldig evenementen uit die passen bij de klederdracht. Daarmee willen ze de kleding van vroeger meer onder de aandacht brengen. “Ik vind het belangrijk dat de jongeren erover weten. Het is prachtige dracht met handgemaakte kant.” Tijdens evenementen komen er vaak mensen naar haar toe met vragen. “Of dat ze aangeven dat hun oma op een foto van vroeger hetzelfde droeg.”
In Brabant is al veel uit de roulatie, dus het is belangrijk dat het terugkomt.
Het verbaast haar dat mensen soms zo weinig over de klederdracht van hun eigen streek weten. “Ik kom soms mensen van veertig of vijftig tegen die het niet weten.” Volgens haar is het belangrijk om de oude dracht in ere te houden. “In Brabant is al veel uit de roulatie, dus het is belangrijk dat het terugkomt.”
Mensen die geïnteresseerd zijn, kunnen zondag 23 augustus bij de Jorissenhoeve in Schijf komen kijken. In de middag loopt Jolanda samen met een aantal vrijwilligers rond om de ouderwetse West-Brabantse klederdracht te laten zien.