Waterschap worstelt met schoon water: ‘We lopen achter de feiten aan’
Brussel stelt met de KRW-regels voorwaarden aan de kwaliteit van oppervlaktewater. (Foto: Pixabay)
Vrijwel alle partijen in het algemeen bestuur (AB) van Waterschap Brabantse Delta steunen het nieuwe pakket maatregelen, om de doelen van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) te halen. Maar van enthousiasme is nauwelijks sprake. Te laat, te weinig ambitieus en mogelijk onhaalbaar: de kritiek klinkt van meerdere kanten, woensdagavond tijdens de AB-vergadering in Breda. Volgens de KRW moet het oppervlaktewater schoon zijn, met fors minder schadelijke (afval)stoffen. Daarin hebben ook waterschappen een verplichting.
Centraal staat het ontwerpmaatregelenpakket voor de periode 2028-2033. Daarmee moet het waterschap voldoen aan Europese regels voor schoon en gezond water. Die doelen hadden in veel gevallen al jaren dichterbij moeten zijn, erkenden verschillende bestuurders. Oorspronkelijk zouden álle KRW-doelen in december 2027 ingaan, maar voor een groot aantal schadelijke stoffen heeft Brussel de termijn inmiddels een aantal jaren vooruitgeschoven.
Waterbeheerprogramma
Dagelijks bestuurslid (DB-lid) Angelien Hagenaars wijst het AB op de harde deadline: het pakket moet uiterlijk deze zomer worden aangeleverd voor de landelijke stroomgebiedbeheerplannen van Maas, Rijn, Schelde en Eems. Daarna volgt dit najaar nog maatschappelijke inspraak, waarna het waterschap volgend jaar het waterbeheerprogramma (WBP) vaststelt voor de verdere uitvoering van het maatregelenpakket.
‘Lankmoedig en laks’
De meest felle kritiek komt van Ludo Maas van de Partij voor de Dieren (PvdD). Volgens hem voert het waterschap nu maatregelen op die eigenlijk jaren geleden al genomen hadden moeten worden. “Dat neigt naar deemoedigheid, lankmoedigheid en laksheid”, zegt Maas.
Bioversiteit
Samen met andere groene partijen dient de PvdD twee moties in. De eerste roept het DB op, de aandacht biodiversiteit nadrukkelijker mee te nemen in het waterbeleid. Volgens de indieners draait het niet alleen om chemische normen, maar ook om herstel van planten- en dierenleven in en rond sloten, beken en rivieren. Hagenaars vraagt de indieners deze motie voorlopig “aan te houden”, in afwachting van de resultaten van lopende biodiversiteits-projecten. De indieners kunnen daarmee instemmen, de motie komt daarom niet in stemming.
Omgevingsdiensten
De tweede motie richt zich op strengere handhaving. De groene partijen vinden dat regionale omgevingsdiensten steviger moeten optreden tegen vervuilers en illegale lozingen. Zonder strengere controle blijven de doelen volgens hen buiten bereik. Daar heeft dagelijks bestuurder Hagenaars meer moeite mee en ontraadt daarom de motie. “Wij zijn er niet om de omgevingsdienst terecht te wijzen.”
Rug tegen de muur
Ook Frans Post (Natuurterreinen) sluit zich daarbij aan. “We staan met de rug tegen de muur”, merkt Post op. “Het tekort aan schoon water is de crisis van de toekomst.” Hij brengt een derde motie ter tafel, met de oproep te onderzoeken welke extra maatregelen nog mogelijk zijn om de achterstand in te lopen. Ook hierop reageert Angelien Hagenaars terughoudend, omdat “er al veel is onderzocht.” Toch steunt ook Natuurterreinen uiteindelijk het maatregelenpakket. “Simpelweg omdat het waterschap wettelijk verplicht is het plan op tijd in te leveren.” Hagenaars daarentegen is bereid de strekking van de motie “waar mogelijk” over te nemen – en met die toezegging haalt Post de motie van tafel. Voorlopig.
‘Niet naar landbouw wijzen’
Andere partijen temperen juist de verwachtingen. Lian Korst (CDA) noemt het voorstel “gedegen en goed onderbouwd”, maar: “De rekening voor watervervuiling mag niet uitsluitend bij de landbouw terechtkomen”, stelt ze. Korst wijst ook op de snelle opmars van de Amerikaanse rivierkreeft. Die invasieve exoot vreet waterplanten weg en tast oevers aan. Volgens haar kan het waterschap daar weinig tegen beginnen zolang het Rijk niet ingrijpt.
Centjes
Ton Overeem van de VVD houdt de hand op de knip. “Je kunt altijd meer doen, maar dat kost centjes”, zei hij. De VVD steunt wel de biodiversiteitsmotie, maar voelde weinig voor verdere aanscherping van regels en handhaving.
Na stikstof ook ‘waterslot’
Bij de BBB overheerst vooral scepsis over de haalbaarheid van de Europese normen. Ton Hendriks noemde de KRW een “hoofdpijndossier.” Volgens hem blijven stoffen als arseen van nature aanwezig in Brabantse watersystemen, waardoor sommige normen praktisch onmogelijk haalbaar zijn. “Het sein blijft altijd op rood staan”, voorspelt Hendriks. Hij vreest dat West-Brabant uiteindelijk op slot gaat door waterregels, net zoals Nederland nu vastloopt door stikstofregels. “We krijgen straks óók een waterslot.”
‘Schoon water bestaat niet’
Ook Louis van der Kallen (Ons Water) zet vraagtekens bij het hele idee van volledig schoon water. Volgens hem zijn de Europese doelen al sinds 2010 onrealistisch. “Schoon water in Friesland is iets anders dan op de Brabantse Wal, waar van nature arseen in de bodem zit”, zegt hij. Hij spreekt liever van “bruikbaar water” dan van “schoon water.” Van der Kallen relativeert de discussie over exoten. “Konijnen en aardappelen zijn ook ooit exoten geweest.” Zijn partij steunt het maatregelenpakket, maar stemt tégen de moties omdat hij die ziet als “schaamlappen.”
‘Geen bokkensprongen’
Ondanks alle kritiek kijgt het maatregelenpakket brede steun in het algemeen bestuur. Partijen als West-Brabant Waterbreed (Jan Jan Kavelaars), 50Plus (Gert Vruwink) en Ongebouwd (Huibert Knook) scharen zich zonder veel discussie achter het voorstel. Henk Schouwenaars van PvdA ziet in het maatregelenpakkent “geen bokkensprongen vooruit, maar zeker ook geen stap terug.”
PvdD tegen, VVD verdeeld
Als het voorstel in stemming komt, stemmen de twee leden van de PvdD tegen en blijkt de VVD verdeeld: één van de vier fractieleden is tegen. De overigen zijn vóór het besluitstuk. De enig overgebleven motie die in stemming komt, de omgevingsdienst-motie van PvdD wordt uiteindelijk verworpen.
Het maatregelenpakket van Waterschap Brabantse Delta voor de periode 2028-2033 moet zorgen voor schoner en gezonder water in beken, rivieren en sloten in West- en Midden-Brabant. Daarvoor wil het waterschap waterlopen natuurlijker inrichten, de waterkwaliteit verbeteren, vervuiling door landbouw, industrie en stedelijk gebied verder terugdringen en rioolwaterzuiveringen verbeteren. Ook wordt gewerkt aan meer ruimte voor natuur, betere samenwerking met gemeenten, provincie en andere partners en strengere controle op lozingen en overtredingen. Met het pakket wil het waterschap voldoen aan de Europese regels voor waterkwaliteit én tegelijk zorgen voor een watersysteem dat beter bestand is tegen droogte, hevige regen en andere gevolgen van klimaatverandering.