Hoogerheide

Woensdrecht scoort opnieuw goed met Wmo

Nog steeds is de telefoon het belangrijkste communicatiemiddel voor ouderen. (Pixabay)

Han Verbeem Han Verbeem

Opnieuw staat Woensdrecht te boek als een Wmo-vriendelijke gemeente. Zo’n 82 procent is tevreden over het contact met de gemeente – zo blijkt uit het jaarlijkse onderzoek naar hun ervaringen. Vorig jaar gold dat voor 80 procent van de zorgbehoevenden.

De gemeente heeft 270 vragenlijsten naar de diverse cliënten gestuurd en daarvan zijn 223 ingevuld. Het gaat om de ervaringen over de Wmo-dienstverlening in 2021. “Zo heeft ruim 82 procent van de ondervraagden het contact met de gemeente als prettig ervaren”, aldus wethouder Lars van der Beek. “Zo’n 94 procent vindt dat er duidelijke informatie is gegeven, 93 procent voelt zich serieus genomen en voor 90 procent van de cliënten is het voldoende duidelijk welke voorziening en ondersteuning het beste bij hen past.”

Inzet medewerkers

Het gesprek met de Wmo-consulent wordt gemiddeld beoordeeld met een 8,6. Bij het onderzoek van vorig jaar was het rapportcijfer op dit onderdeel een 8,4. De wethouder is blij met de hoge waardering van de cliënten en schrijft dit vooral toe aan de inzet en betrokkenheid van de ambtelijke organisatie: “Elke dag weer doen onze medewerkers hun uiterste best om cliënten zo goed mogelijk te helpen. Dit onderzoek laat keer op keer zien dat zij erin slagen om een constant hoge kwaliteit leveren. Daar ben ik trots op.”

Verbeterpuntjes

Toch zijn er ondanks de complimenten ook enkele ‘verbeterpuntjes’ waar de gemeente naar moet kijken, merkt Van der Beek op. “Zo kan het beter met de telefonische bereikbaarheid.” Voor zo’n 45 procent van de ondervraagden is de telefoon het belangrijkste communicatiemiddel met de gemeente. “Mensen weten ons gelukkig goed te vinden en het lukt hen om toegang te krijgen tot de hulp die we bieden”, merkt de lokale bewindsman daarbij op. “Dat cliënten ook ondersteuning kunnen krijgen van een onafhankelijke cliëntondersteuner blijkt minder bekend te zijn. Daar gaan we komend jaar extra op inzetten.”