Brabantse wielerrondes verdienen erkenning: ‘Onderdeel van Brabantse cultuur’
Archieffoto van Draai van de Kaai in 2025. (Foto: ZuidWest Update)
Het bestuur van de Draai van de Kaai in Roosendaal wil dat Brabantse wielerrondes aan de lijst van immaterieel erfgoed worden toegevoegd. Die oproep doet de organisatie naar de verschillende overheden in Brabant en de landelijke politiek. Samen met andere wielercomités, provincie Noord-Brabant en gemeenten wil de organisatie kijken wat er mogelijk is.
Volgens het bestuur zijn deze wielerrondes namelijk niet zomaar een evenement, en veel meer dan alleen een wielerwedstrijd in de regio. Het gaat om gezelligheid en brengt onder andere vrijwilligerswerk, ondernemerschap, amateurwielrennen en topsport samen. Daarnaast is het al voor generaties lang vaste prik en zit het in de identiteit van steden en dorpen in de regio, geeft het bestuur aan.
“Een wielercriterium is een ontmoetingsplaats voor een complete gemeenschap”, zegt Gijs de Bot namens het bestuur. Ook langs het parcours komen mensen samen. “Renners rijden letterlijk door het hart van de stad of het dorp. Dat maakt deze evenementen tot een bijzonder onderdeel van de Brabantse cultuur”, geeft De Bot aan.
Lees ook: Ronde van Nispen verbindt dorp al vijftig jaar: ‘Dorp loopt hiervoor uit’Nieuwe organisatie
Daarnaast is de Draai van de Kaai dit jaar voor het eerst met een nieuw bestuur. Dat laat volgens De Bot zien dat het voortbestaan van historische wielerevenementen niet vanzelfsprekend is. Daarom wil de organisatie aandacht vragen voor het verleden, maar ook naar de toekomst kijken.
Lees ook: Draai van de Kaai gaat verder in nieuwe vorm, mét uniek onderdeelHet toevoegen van deze wielerrondes aan de lijst van immaterieel erfgoed is niet om evenementen kunstmatig in stand te houden, zo laat de organisatie weten. “Het is een manier om kennis, verhalen, vrijwilligerservaring en lokale tradities door te geven aan nieuwe generaties. Het helpt ons om samen na te denken over hoe deze karakteristieke Brabantse wielercultuur ook over twintig of vijftig jaar nog kan bestaan”, vertelt De Bot.
Oproep
In de oproep vraagt het bestuur bijvoorbeeld om het erkennen van de maatschappelijke en culturele betekenis van wielercriteria. Maar ook om de erfgoedaanvraag gezamenlijk met de overheden te ondersteunen en de geschiedenis en verhalen vast te leggen.
Maar het bestuur hoopt ook nieuwe generaties organisatoren en vrijwilligers bij de evenementen te betrekken. En tot slot met oog op de toekomst wil de organisatie kijken hoe evenementen duurzaam georganiseerd kunnen worden.
De Acht van Chaam is al wel opgenomen in de lijst van immaterieel erfgoed en de organisatie hoopt daar op via deze weg nog meer wielerevenementen aan toe te kunnen voegen. Na de editie van 2026 wil ze de mogelijkheden gaan bekijken samen met andere wielercomités in Brabant, de provincie en Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland.
“Brabant is wielerland. De renners, het publiek langs de dranghekken, de vrijwilligers, de plaatselijke ondernemers en de feestelijke sfeer horen bij elkaar. Die verdient erkenning én een toekomst”, aldus De Bot.