Volkshuisvestingplan door de raad, maar ook teleurstelling: ‘Dit is niet af’

Volkshuisvestingplan door de raad, maar ook teleurstelling: ‘Dit is niet af’

Het stadhuis van Bergen op Zoom (Foto: ZuidWest Update)

De Bergse raad heeft donderdag het nieuwe Volkshuisvestingsprogramma (VHP) 2026–2035 ongewijzigd vastgesteld. VVD, PVV en BVB reageren teleurgesteld, en stemmen tegen. “Dit VHP is nog niet af”, zegt BVB-raadslid Camiel van der Meeren.

De vaststelling van het vernieuwde VHP is politiek gezien niet zonder slag of stoot verlopen. Zo zijn verschillende moties en een amendement ingediend, die uiteindelijk op één na worden weggestemd. De voorstellen gaan onder meer over de rol van de gemeenteraad, parkeren bij nieuwbouw, de positie van statushouders en de manier waarop de woningbouwplannen de komende jaren worden uitgevoerd.

Controle op uitvoering

De VVD toont zich, net als in de eerdere commissiebehandeling, bijzonder teleurgesteld over het afschalen van de bouwambities, waarbij het aantal van zevenduizend nieuwe woningen in 2040 geen doel op zich meer is. De VVD wil daarom dat de gemeenteraad meer controle houdt op de uitvoering, zegt Jim Bernaards. Volgens de partij zijn in het nieuwe VHP weliswaar de grote lijnen vastgelegd, “maar moeten belangrijke keuzes over de uitvoering nog worden gemaakt.” Het gaat bijvoorbeeld om het aantal woningen, de betaalbaarheid en de verdeling van woningen over de stad en de dorpen.

‘Geen blanco cheque’

Daarom dient de VVD bij amendement een wijzigingsvoorstel in. De liberalen vinden dat het college het voorgestelde uitvoeringsprogramma éérst verder moet uitwerken, en pas dan aan de raad moet aanbieden. Volgens de VVD is het huidige plan nog niet concreet genoeg om het college nu al veel ruimte te geven. Ook BVB is niet bereid “een blanco cheque af te geven aan het college”, zegt Camiel van der Meeren. ZIjn partij dient daarom het amendement mee in.

Wethouder Adam Ahajaj ontraadt het amendement. Want zowel het uitvoeringsprogramma áls het VHP zijn feitelijk een bevoegdheid van het college, merkt hij op. Als het op stemmen aankomt, krijgt de VVD bij dit wijzigingsvoorstel alleen steun van PVV en BVB.

Parkeren

Ook parkeren is een zorg voor VVD, en de fractie dient samen met de PVV een motie in over het aantal parkeerplaatsen bij nieuwe woningen. De twee partijen willen dat bij nieuwbouw wordt uitgegaan van minimaal 1,6 parkeerplaatsen gemiddeld per huishouden – feitelijk zestien parkeerplaatsen per tien woningen. De partijen willen voorkomen dat de komst van nieuwe woningen leidt tot extra parkeerdruk in bestaande wijken. Maar het college heeft geen behoefte aan deze motie.

Statushouders

De PVV en BVB willen ook een eind maken aan de voorkeursbehandeling van statushouders, bij de verdeling van sociale huurwoningen. De partijen vinden “dat het hebben van een verblijfsstatus op zichzelf geen reden moet zijn om voorrang te krijgen bij toewijzen van een woning”, zegt Boy-Dirk van Meetelen (PVV). Volgens de motie kunnen andere persoonlijke omstandigheden wél een reden zijn om iemand als urgent aan te merken. Dat onderschrijft ook Reinoud Krijnen (Samen0164), die een pleidooi houdt voor gelijke behandeling bij de toewijzing, “zonder mensen labeltjes op te plakken.” Maar wethouder Ahajaj beroept zich op de Huisvestingswet. Daarom ontraadt hij deze motie.

Concrete plannen

D66, Bergs Collectief, CDA, PRO en GBWP leggen een ander accent. Deze vijf partijen willen vooral dat de ambities uit het volkshuisvestingsprogramma snel worden vertaald naar concrete plannen. Zij willen dat het uitvoeringsprogramma duidelijk maakt welke doelen de gemeente heeft, hoeveel woningen moeten worden gebouwd, wanneer dat moet gebeuren en welke middelen daarvoor nodig zijn. “Deze motie kan het college omarmen”, zo reageert wethouder Ahajaj, waarop het amendement unaniem door de raad wordt aangenomen.

Jaarlijkse monitor

De vijf partijen willen dat dit uitvoeringsprogramma in het eerste kwartaal van 2027 aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Ook verwachten zij vanaf elk jaar een monitor, een tussenrapportage, van het college. Daarin moet de raad kunnen zien hoeveel woningen daadwerkelijk zijn gebouwd, hoeveel woningen nog gepland staan en in welke prijsklassen deze vallen.

Daarnaast willen de partijen jaarlijks informatie over bijvoorbeeld woningsplitsing en maatregelen om ouderen te helpen door te stromen naar een andere woning. Ook moet duidelijk zijn welke woningbouwplannen tot 2030 op de planning staan in de verschillende wijken en dorpen.