Roosendaal

Gebrek aan muziekscholen is een ramp voor talent: ‘Bandcultuur verloedert’

Sven de Laet

Een echte stad heeft een muziekschool. Als het aan trompettist en muziekdocent Joost Verbraak uit Roosendaal ligt, althans. Met een noodkreet op Facebook vraagt hij aandacht voor het verdwijnen van de traditionele muziekscholen en de gevolgen daarvan voor jonge talenten. “Voor mijn generatie was het zo’n waardevolle tijd.”

Het was een van Verbraaks leerlingen op de middelbare school die hem weer eens aan het denken zette. “David, een super getalenteerde jonge drummer, kwam naar me toe. Hij zei dat hij graag in een bandje wilde. Snap ik heel goed. Maar op zijn niveau is er gewoon niks meer te vinden in de regio. Dat is echt niet best.”

Door met elkaar te repeteren, werd je steeds beter. Nu ontbreekt dat.

En de oorzaak daarvan ligt volgens Verbraak voor een groot deel bij het gebrek aan muziekscholen. “In mijn jeugd hadden we een grote, bruisende muziekschool, waar alle instrumenten samen kwamen. Daardoor kreeg je allerlei bandjes en samenspeelgroepjes. Door met elkaar te repeteren, stak je elkaar aan en werd je steeds beter. Nu ontbreekt dat.”

De armere bandcultuur heeft pijnlijke consequenties. “Kijk naar David. Hij wil dolgraag naar het conservatorium, maar kan zich niet met andere talenten verder ontwikkelen. Dat kan straks invloed hebben op zijn toelatingstest.”

In mijn omgeving vind ik eigenlijk niemand met dezelfde ambitie.

Dat vreest ook de 14-jarige David zelf. “Mijn droom is om uiteindelijk groot te worden in het drummen en veel Nederlandse artiesten te begeleiden.” Maar nu al ervaring opdoen, blijkt een lastige opgave. “In mijn omgeving vind ik eigenlijk niemand met dezelfde ambitie. Wat daarbij ook meespeelt, is dat veel jonge muzikanten het rond hun twaalfde maar opgeven, omdat er geen goede lessen meer zijn. Dat is ontzettend jammer.”

Al is het niet alleen het gebrek aan bandjes dat die missie in de weg staat. “De afgelopen jaren heb ik al een stuk of zes docenten gehad. Telkens stopte er weer een, omdat er geen subsidie meer was voor de muziekscholen. Dan werd zo’n leraar wegbezuinigd of was het niet meer rendabel om les te blijven geven.” Het zorgt ervoor dat David nu om de week naar Rotterdam moet om verder te groeien.

Als je Verbraak vraagt wat er de komende jaren zou moeten veranderen, heeft hij wel een idee. “Samen met mijn vriendin run ik een muziekschooltje aan huis. In de lokale politiek worden wij vaak benoemd als ‘prima privé-initiatief’. Alleen wij zijn natuurlijk niet te vergelijken met de centrale muziekscholen van weleer. Er zou veel meer verbinding moeten komen. In Roosendaal hebben we een mooi cultuurhuis, waar ook de harmonie repeteert. Maar professionele docenten mogen daar niet terecht met hun lessen. Terwijl, hoe fijn zou het zijn als al die jonge muzikanten gewoon op één plek samenkomen.”