Nieuwsanalyse – De mythe van de onfeilbare overheid
Foto: ZuidWest Update.
Op het Bergse stadskantoor wordt in stilte veel goed werk gedaan. Beleidsmedewerkers en ambtelijke ondersteuners zetten zich met volle inzet en energie in voor de samenleving. Bergen op Zoom is een stad waar het goed wonen, verblijven en ondernemen is, met een rijke cultuurhistorie en een sterk verenigingsleven. Daarvoor is beleid nodig, en dat is keihard werken. Maar soms gaat het mis – en dan wordt de Bergse droom tot een Kafka-achtige nachtmerrie. Zoals voor de gedupeerden in de Bergse asbestkwestie.
Het is een paradox: hoe sterker de betrokkenheid bij het beleid, hoe groter de kans op ontsporing. En dan moet het eerst góed misgaan voordat de beleidstrein weer op de rails komt.
Denk aan de dossiers rond de renovatie van zwembad De Schelp. Daarbij werden miljoenen verspild en kwam de veiligheid van bezoekers en medewerkers in het geding door fouten in de draagconstructie van het bad. Een wethouder moest opstappen. Een onderzoeksrapport constateerde tunnelvisie bij beleidsmakers, onduidelijkheid over de governance (wie is waarvoor verantwoordelijk én aansprakelijk?) tussen gemeente en exploitant en vooral: systemen die langs elkaar heen draaien. De ene afdeling weet niet wat de andere doet.
Ook bij ‘weeffouten’ in beleid ontstaan problemen. Zo blijkt het evenementenbeleid niet te werken. Met houtje-touwtjeoplossingen moet de burgemeester ingrijpen om tijdens de Krabbenfoor versterkte muziek in de centrumstraten toe te staan. Caféhouders zijn gedupeerd en de PVV belegde er tijdens het zomerreces een speciale raadsvergadering over.
Soms leiden dergelijke weeffouten tot bizarre situaties. De agrarische onderneming van Eric-Jan van Trijen in de Auvergnepolder blijkt op papier niet te bestaan in het bestemmingsplan. De ondernemer belandt daardoor in een onwaarschijnlijke, Kafka-achtige nachtmerrie. Ondertussen heeft zijn bedrijfswoning te maken met verzakkingen en lopen de kosten op tot 150.000 euro. De kwestie speelt al vijf jaar en is nog steeds niet afgerond.
En dan nu de kwestie rond de asbestsanering aan de Koepel, in het Bergse buitengebied. De loods van familie Van der Vorst brandde in september 2024 af, waarbij asbest vrijkwam. Vanaf dag één ging het mis. Asbestdaken waren niet verzekerd en de verzekeraar keerde niet uit. Daarom nam de gemeente de sanering over en huurde zij een duur en, naar later bleek, de klus niet volledig uitvoerend saneringsbedrijf in.
Het gevolg: mede door een onduidelijke opdrachtformulering aan de saneerders ligt er nog steeds asbest in de omgeving. De eigenaren zijn ten einde raad en zitten letterlijk en figuurlijk aan de grond. Op het stadskantoor gaan de hakken in het zand en verschuilt de gemeente zich in juridische loopgraven. De menselijke maat blijft buiten beeld.
Elk jaar bedankt de Bergse gemeenteraad de ambtelijke organisatie voor de ‘fantastische ondersteuning’. Begrijpelijk, want op het stadskantoor wordt in stilte veel goed werk gedaan. Maar wie als inwoner eenmaal in de ambtelijke raderen belandt, zoals bij de Bergse asbestaffaire, ontdekt een ándere werkelijkheid.
Ondanks de aantoonbare missers draaien de ambtelijke molens gewoon door. Er komen brieven, juridische adviezen en nieuwe besluiten. Iedereen doet zijn of haar werk. Alleen het oorspronkelijke probleem wordt niet opgelost.
Dat is bureaucratie ten top: procedureel lijkt alles op orde, terwijl de werkelijkheid buiten het ambtelijke dossier steeds verder ontspoort. De gedupeerden raken ondertussen steeds dieper verzonken in het modderige pad van het eigen gelijk.
Juridisch gelijk hebben is bovendien iets anders dan behoorlijk bestuur. Zeker wanneer de overheid zelf onderdeel van het probleem is geworden. Dan mag je van een gemeente méér verwachten dan een juridisch dichtgetimmerd antwoord.
Dan mag je verwachten dat er wordt gekeken naar de mens achter het dossier.